Motie tot het vereenvoudigen van de lidgeldprocedure
Motivatie
Met deze motie willen we de lidgeldprocedure vereenvoudigen, zowel voor de leden als voor de JNM-administratie. Het effect van deze motie zal zijn dat de categorie “bijleden” ophoudt te bestaan omdat dit een grote administratieve en communicatieve vereenvoudiging zou betekenen. Het introductielidmaatschap blijft uiteraard wel bestaan.
1) Het voorstel is om voortaan met 1 vast bedrag te werken als lidgeld: het huidige gemiddelde van alle lidgeldinkomsten (dat geïndexeerd wordt met het oog op werkjaar 2013-2014). Dit communiceert veel gemakkelijker en is administratief een grote ontlasting. Dit is exlusief het introductielidmaatschap van €5.
2) De regel haalde zijn vooropgestelde doel niet. Bedoeling was “arme gezinnen” tegemoet te komen, maar er is helemaal geen verband tussen grote gezinnen en arme gezinnen (die tijd ligt al enkele decennia achter ons). Door grote gezinnen financieel tegemoet te komen, liggen de lidgelden standaard voor de rest een beetje hoger dan als iedereen hetzelfde zou betalen, dus ook voor de "echte armen" onder onze leden. Het is dus in praktijk eerder een anti-sociale maatregel die neigt naar puur commerciële redenen ("1 kopen, 2e aan halve prijs"). Om arme gezinnen tegemoet te komen bestaan er andere regels die we als JNM nationaal duidelijker willen communiceren.
Effecten
1. Elk lid van JNM betaalt €18* lidgeld voor een werkjaar (= gemiddelde van huidige lidgeldinkomsten + indexering werkjaar 2013-2014) in de plaats van 19,5 euro zonder afschaffen van de bijleden.
2. Publicaties worden verstuurd per adres: standaard wordt er dus naar 1 adres een Euglena/Kikker opgestuurd. Leden kunnen zelf kiezen op de site of ze meerdere tijdschriften per adres willen.
3. De administratieve besparingen zullen oplopen tot €1000
4. 1440 JNM'ers zullen minder lidgeld moeten betalen
5. 86 gezinnen zouden tussen de €10 en €20 euro meer lidgeld moeten betalen
(*): indexering werkjaar 2013-2014, in AHR-wijzigingen zijn de lidgelden berekend op basis van dit werkjaar.
AHR-wijzigingen:
ARTIKEL 3 – LIDMAATSCHAPSBIJDRAGEN
Vanaf het werkjaar 2010-2011 gelden de volgende lidgelden:
• 5 EUR voor introductieleden
• 18 EURO voor hoofdleden
• 11,5 EURO voor bijleden
Instellingen betalen steeds het dubbele van wat een hoofdlid betaalt.
Deze lidgelden worden nationaal geïnd.
wordt
ARTIKEL 3 – LIDMAATSCHAPSBIJDRAGEN
Vanaf het werkjaar 2013-2014 gelden de volgende lidgelden:
• 5 EUR voor introductieleden
• 18 EURO voor hoofdleden
Instellingen betalen steeds het dubbele van wat een hoofdlid betaalt.
Deze lidgelden worden nationaal geïnd.
STATUUTWIJZIGINGEN
Art. 7. Het eerste lid van een adres is een ‘hoofdlid’, alle andere leden van hetzelfde adres zijn ‘bijleden’.
Leden en bijleden worden onderverdeeld in vijf categorieën
wordt
Art. 7. Leden worden onderverdeeld in vijf categorieën

